• Poll

    • Ons kind en bezuinigingen
    • Geen probleem
      Financiƫle gevolgen
      Emotionele gevolgen
      Anders

Aandachtstekort-stoornis met hyperactiviteit (ADHD)

Wanneer kinderen minstens 6 maanden impulsief en hyperactief gedrag vertonen kan men spreken van een aandachtstekort-stoornis, impulsiviteit of hyperactiviteit.

Wie deze diagnose krijgt of stelt moet weten dat er geen algemeen aanvaarde psychologische of neurofysiologische test is waarmee de diagnose ADHD eenduidig vast te stellen is.

Aandachtstekort-stoornis

Een aandachtstekort-stoornis komt erop neer dat de persoon, het kind, vaak moeite heeft met aandacht voor of luisteren naar opdrachten, taken afwerken of details verzorgen bij deze taken, vaak dingen verliest voor het uitvoeren van deze taken, en vaak de concentratie verliest.

Impulsiviteit

Een impulsief kind zal handelen/spreken voor het nadenkt, frequent veranderen van activiteit, zenuwachtig gedrag vertonen, moeilijk georganiseerd te werk gaan en veel toezicht nodig hebben. Ook zal het zijn of haar fouten niet kunnen toegeven.

Hyperactiviteit

Een hyperactief kind zal in extreme mate impulsief zijn, klimmen en lopen, moeilijk tot niet stil kunnen zitten, en ook gedurende de slaap veel bewegen, altijd bezig zijn.

Comorbiditeit

ADHD kan zich op uiteenlopende wijzen manifesteren. Als stoornis op zich of als comorbide stoornis naast bijvoorbeeld een leerstoornis, pervasieve ontwikkelingsstoornis (autisme e.a.), het syndroom van Gilles de la Tourette, een angststoornis of stemmingsstoornis, een aanpassingsstoornis, een hechtingsstoornis van het ontremde type, een gehoorstoornis, dyslexie, symptomen van een organisch-cerebrale stoornis (epilepsie, chorea), een verstandelijke functiebeperking, of met onderdrukte ADHD-symptomen, terwijl alleen de symptomen van de comorbide stoornis tot uitdrukking komen. ADHD is dus erg complex.

Bij zo'n 3 op 10 ADHD-kinderen blijft het syndroom verder bestaan op volwassen leeftijd. Het komt drie keer zo vaak voor bij jongens als bij meisjes.

Hulpverlening

De discussie tussen medicatie en gedragstherapie lijkt in het voordeel van de eerste mogelijkheid uit te draaien. Voor geschikte medicatie moet de behandelende arts per cliënt oordelen.

Behandeling is nodig. Personen met ADHD hebben, zeker in combinatie met een antisociale gedragsstoornis, grotere kans om in criminaliteit te vervallen. Ze ondervinden moeilijkheden om vrienden te maken, en raken sneller aan problematisch middelengebruik.

Bron
Vorige Vorige - Volgende Volgende